Honderd jaar geleden was het leven overzichtelijk. Bij je geboorte was je bedje gespreid, je levensweg bepaald. Er was weinig twijfel mogelijk, je mening werd bepaald door de groep waarvan je onderdeel uitmaakte. Over keuzes hoefde je niet te piekeren, want die maakte je niet. Maar nu, in deze tijd, met de vele mogelijkheden, waar niets lijkt vast te staan, waar halen we onze zekerheden vandaan? Waar vertrouwen we op, waar zijn we trouw aan?
Wetmatigheid, structuur, maakt dat we weten waar we aan toe zijn. Zo kunnen we van de natuur op aan. Want elke dag gaat de zon op; wanneer dag en nacht elkaar afwisselen, is nooit een verrassing. De aarde draait steeds in hetzelfde tempo om de zon, de maan om de aarde. Het ritme van de seizoenen is elk jaar gelijk, nooit ruilen lente en herfst van plek. Vogels zingen, koeien eten gras, spinnen weven een web.
De dichter J.C. van Schagen schrijft in een haiku dat de reiger een kikker overweegt. Maar de reiger hoeft dat niet te overwegen, want hij heeft geen keuze. Er is geen twijfel mogelijk: reigers vangen kikkers. Dieren weten wat hun te doen staat. Voor ons is het soms onduidelijk wat onze taak is. Wel hebben we in onze cultuur geleerd dat hard werken belangrijk is, want arbeid adelt en ledigheid is des duivels oorkussen.
Hij staat in het gras
en overweegt een kikker
want hij is reiger.
Arbeid adelt. Wie hard werkt, winst maakt, wordt beloond. Wie niets doet, belandt in de uiterste duisternis. Waarom krijgen zoveel hardwerkende mensen dan een burn-out? Zo weldadig kan dat toch niet zijn?
Hoe meer invloed we hebben op het werk, hoe meer we ons talent kunnen gebruiken, hoe minder snel we overspannen raken. Van werk dat we uit vrije willen doen, waarin we ons talent kunnen gebruiken, worden we niet zo gauw ziek of moe. Wel van werk dat we automatisch doen, uit plicht, in een systeem waarop we geen invloed hebben.
Onze eigenlijke taak ligt in het verlengde van ons diepste verlangen. Ons diepste verlangen is erop gericht te worden wie we zijn, ons talent in de wereld te brengen. De joodse filosoof Martin Buber zegt: “Ieder draagt iets kostbaars in zich, dat in geen ander te vinden is. Wat echter dit ‘kostbare’ is in een mens, kan hij slechts ontdekken wanneer hij zijn sterkste gevoelens, zijn innigste wens, datgene in hem wat zijn innerlijk het diepste beroert, waarachtig beseft.”
Soms duurt het lang voordat we het kostbare in onszelf hebben gevonden. Soms kun je een tijd iets doen waarvan je nog niet weet wat het je op zal leveren. Als de tijd nog niet rijp is om te kiezen, brengt veranderen soms alleen maar onrust. We mogen de tijd nemen om het niet te weten, te wachten in de hoop dat er helderheid komt. Soms weet je pas halverwege je leven wat het kostbare, de wetmatigheid, in jezelf is. Waarom zou je geen nieuwe carrière beginnen als je zestig bent? De ene plant komt gemakkelijker tot bloei dan de andere en sommige bloemen bloeien pas na jaren.
Je kunt je gave benutten in de baan die je hebt, maar soms is het nodig om van beroep te veranderen of om te scholen. Of je kunt je talent ontwikkelen naast je werk of als je gepensioneerd bent. In het klein en in het groot kun je je talent inzetten. Overal, bij alles wat je doet, is je talent inzetbaar. Talent is er bovendien in vele soorten en maten, en is altijd uniek.
Talent uit zich niet altijd in tastbare prestaties, niet alleen in het doen. Sommige mensen uiten hun talent door alleen maar aanwezig te zijn. Het gaat er niet om wat je talent is of hoeveel talent je hebt, maar dat je het in de wereld brengt. Want met ieder mens komt er iets nieuws in de wereld, dat er nog niet eerder is geweest en er nooit meer zal zijn. Geen leven kan worden herhaald. Ieder mens is eenmalig en heeft dan ook een unieke inbreng in de wereld, een eigen levenstaak, hoe klein of groot ook.
Vertrouwen is de wetenschap dat je alleen kunt worden wie je bent. Diep van binnen weten we wie we zijn, wat ons talent is, waar we helemaal warm voor lopen. Maar soms zijn we het besef kwijt, laten we ons afleiden door onszelf en door anderen. We twijfelen over welke kant we op moeten. Daarom is het nodig stil te zijn en te luisteren naar wat er in ons leeft.
De innerlijke stem staat vast. Die stem vertelt waar mijn hart ligt, mijn hartstochten, waar ik enthousiast voor word. Voor welke zaken en mensen ik me wil inzetten, waar ik heen wil, waar mijn bestemming ligt. Het is de kunst om op die stem te vertrouwen en er gehoor aan te geven. Tastend op weg gaan, je blik gericht op een punt voorbij de horizon, trouw zijn aan je koers, ook al is niet te voorspellen wat je tegenkomt op je weg.
Als je geen richting kiest in je leven, heb je niet veel kans om terecht te komen op de plek die bij je past. Als je zelf je koers uitzet, en daaraan trouw bent, kan er allerlei tegenwerking komen. Maar als je weet waar je heen wilt, geeft dat vertrouwen en kracht hindernissen te overwinnen. Het maakt dat je bestand bent tegen storm en tegenwind als je een doel hebt. Je hebt het roer zelf in handen. Onderweg kun je je koers altijd weer bijstellen of een iets andere richting kiezen. Zelfs als je zicht krijgt op je bestemming, kun je er soms achter komen dat je die wilt wijzigen. Vaak ontwikkelt je doel zich gaandeweg en wordt het toch net anders dan je van tevoren hebt gedacht.
Het gaat erom de weg te gaan die bij je past, die voortkomt uit je eigen aard, die er zomaar vanzelfsprekend is, die je niet eens hoeft te kiezen, maar alleen te volgen. Soms raken we echter het besef van onze bestemming kwijt, zeker als het niet zo sterk is. Als we de stem in onszelf verloochenen, komen we op plekken terecht waar we niet horen.
Veel mensen vervullen beroepen die in strijd zijn met hun ware aard. Op die manier dragen zij niet het beste bij aan de wereld. Als je niet doet wat jij moet doen, zie je de wereld verkeerd en wat je bijdraagt, draag je ook op de verkeerde manier bij. Als meer mensen trouw zouden zijn aan hun roeping, zou er meer geluk zijn in de wereld.
Het is een kunst trouw te zijn aan je roeping en je niet te laten afleiden. Vaak doen we wat er van ons wordt verwacht, door gebrek aan moed, door ons verlangen naar applaus en succes, naar geld en status. Als we eenmaal een bepaalde richting hebben gekozen, beseffen we vaak niet eens dat het ook anders kan. We zijn bewust of onbewust ergens ingerold en blijven vervolgens een leven lang zitten waar we zitten.
Uitkomen voor je talent is beangstigend, omdat het momenten van eenzaamheid en verantwoordelijkheid met zich meebrengt. Liever willen we door de buitenwereld bevestigd worden. Er is lef nodig om niet op de mening van anderen te letten, je niet te bekommeren om hun reacties en goedkeuring. Om dat te doen wat we vanuit onszelf het liefste willen, ons eigen spoor te volgen. Als je in een omgeving leeft die geen oog heeft voor jouw talent, kost het soms erg veel moeite om te ontdekken wie je bent en je eigen waarde te zien.
Het volgen van je eigen spoor, dat afwijkt van dat van de anderen, maakt eenzaam. Dat geldt niet alleen bij wat je doet, bij de keuze van werk en bezigheden. Ook als je anders denkt of voelt dan je omgeving, is het moeilijk dat tot uitdrukking te brengen. Het is gemakkelijker en minder beangstigend om je mening binnen te houden.
Nergens zijn we zo bang voor als om afgewezen te worden. Alleen zijn, in eenzaamheid, isolement. Wij willen erbij horen. En daar hebben we veel voor over. We zijn bereid anderen en onszelf te verloochenen. We passen ons liever aan dan dat we het risico lopen verlaten te worden.
Groepsmeningen en groepsgedrag kunnen gevaarlijk zijn. De geschiedenis heeft al uitgewezen dat de kracht van de massa soms gevaarlijk en destructief is. En wie niet meedoet met de groep staat alleen. Het is gemakkelijker mee te doen, je aan te passen, compromissen te sluiten. Degene die opstaat, heeft moed nodig. Want het is gevaarlijk om op te staan. Wie zijn mening laat horen, tegen de massa ingaat, is bedreigend voor de gevestigde orde. Degene die de waarheid spreekt, loopt de kans te worden gekruisigd. Degene die de macht bedreigd, wordt vervolgd. Er is moed nodig om trouw te zijn aan jezelf, te luisteren naar je innerlijke stem. Niet te doen wat mensen van je verwachten, als dat ten koste gaat van de trouw aan jezelf.
Vaak zijn we geneigd te denken dat het niet uitmaakt wat we doen of zeggen. Onze daden lijken zo nietig en onbeduidend in verhouding tot die van anderen. Het lijkt of we geen invloed hebben. Maar wij allen maken het verschil. Jij maakt het verschil. Het maakt uit wat je koopt, wat je eet, wat je doet, wat je zegt.
Woorden doen ertoe. In een crisissituatie, als iemand in de war is, als er geweld is, kan elk woord doorslaggevend zijn. Je persoonlijke benadering doet er altijd toe. Een achteloos gemaakte opmerking blijft soms een leven lang hangen. Een compliment kan iemands dag kleuren. Je hebt veel meer invloed dan je denkt. De verhalen die je vertelt, bewegen zich voort.
Het maakt uit of je vertelt dat het glas halfvol of halfleeg is. Verhalen zijn belangrijk, woorden hebben macht. Verhalenvertellers hebben een immense verantwoordelijkheid, kunnen maken of breken. De media zijn de verhalenvertellers van deze tijd. Zeg dat mensen bang zijn voor elkaar en ze worden bang voor elkaar. Vertel dat het slecht gaat en het gaat slecht. Luister daarom kritisch naar wat de media je vertelt en wilt laten geloven.
Het kan ook anders. Denk na over het verhaal dat je wilt vertellen. Weeg je woorden. Je kunt ook het verhaal achter het verhaal laten zien, woorden gebruiken die begrip oproepen, mensen nader tot elkaar brengen.
We zijn met elkaar verbonden, deel van het geheel. Mijn inbreng, mijn bijdrage doet ertoe. Het is van belang dat de stem die in mij is naar buiten komt. Dat ik trouw ben aan mijn innerlijke stem, de vaste kern in mijzelf. Dat ik hem niet uit angst verloochen. Dat ik mijn stem laat horen. Er is iets in mij wat er was toen ik een baby was en wat er zal zijn als ik hoogbejaard ben. Dat niet verloren kan gaan, onveranderlijk is, dat er zomaar is, waaraan ik niet hoef te twijfelen.
Talent is er van onze geboorte tot onze dood. Kijk eens naar wie je was als kind. In welke situaties kwam jij tot je recht? Wat was jouw unieke inbreng? Wat deed je graag? En ook later: voor welke activiteiten werd je enthousiast op school en in je vrije tijd? Wat wilde je worden toen je nog jong was? Kijk naar de banen die je hebt gehad, vrijwilligerswerk of andere activiteiten. Wanneer was jij in je element? Waar was je goed in? Wat gaf voldoening? Wat zeiden anderen dat jij goed kon? Voor wat voor soort dingen werd jij gevraagd of uitgekozen? Breng dat in kaart en ontdek wat de rode draad in al die activiteiten is.
Vertrouwen is de overtuiging dat ik niet aangetast kan worden in mijn diepste wezen. Als ik alles verlies, mijn hele omgeving wegvalt, mijn lichaam me in de steek laat, dan blijft mijn kern bestaan. Wat er ook gebeurt, hoe de omstandigheden zijn, het kan mijn kern niet raken. We hebben niet in de hand wat ons overkomt. Op de omstandigheden kunnen we niet vertrouwen, maar wel op de kern in onszelf, die onaantastbaar is. Vertrouwen is een vergeten waarheid terugvinden. Vertouwen is de wetenschap dat je alleen kunt worden wie je bent.
Bron: Wat echt belangrijk is. Zingeving voor alledag. Door Karen Wassink.
Dit werk is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding 2.0 België licentie